Cover image

Ondernemerschap is een wereld vol testosteron

[PICTURE|sitecpic|lowres]Mannen in een zelfstandig beroep vertonen een hoger testosteron-gehalte dan werknemers of werklozen. Dat is de conclusie van een onderzoek van wetenschappers aan de University of Birmingham, de University of Surrey en de University of Adelaide bij nagenoeg twaalfhonderd Australische mannen tussen vijfendertig en tachtig jaar. De onderzoekers zeggen dat voor het verband een verklaring kan worden gezocht in het feit dat testosteron in het verleden al werd gelinkt aan risico-gedrag en een concurrentiële ingesteldheid, twee elementen die ook in een zelfstandig statuut kunnen worden teruggevonden. Er moet volgens de wetenschappers echter nog verder onderzoek worden verricht naar het concrete karakter van het verband.

“Er kon een duidelijke relatie worden vastgesteld tussen testosteron en zelfstandig ondernemen,” voeren de onderzoekers Francis Greene, Gery Wittert en Liang Han aan. “Het is echter niet duidelijk of een hoger niveau aan testosteron daadwerkelijk de basis vormt voor de uitbouw van een carrière als zelfstandige, want het zou omgekeerd ook kunnen dat een aantal aspecten van het ondernemerschap, zoals een gevoel van bevestiging door het boeken van zakelijke successen, het niveau van het hormoon zouden verhogen. De resultaten van de studie zouden echter in ieder geval een aanzet moeten zijn om het verband tussen hormonen en economische activiteiten verder te onderzoeken.”

“Ook in sportcompetities is gebleken dat winnaars na de wedstrijd een hoger testosteron-niveau hebben dan de verliezers,” voeren de onderzoekers nog aan. “Bovendien kon ook in de dierenwereld een verband worden opgetekend tussen het testosteron-gehalte en de status. Mannen die aanvoelen weinig controle te hebben over hun arbeidssituatie en daardoor stress ontwikkelen, blijken eveneens lagere testosteron-scores te laten optekenen. Anderzijds zouden hogere testosteron-niveaus kunnen leiden tot een grotere veerkracht en een lagere stressgevoeligheid, terwijl ook een invloed zou kunnen worden verondersteld op gedrevenheid en motivatie.” (mah)