Cover image

Tussen 1951 en 1963 trokken duizenden toeristen naar Las Vegas... maar niet om er te gokken

Wie vandaag Las Vegas bezoekt, wordt verblind door de alomaanwezige LED-verlichting die vaak 30 meter hoog reikt, maar vele decennia geleden stond de stad bekend om een gans ander soort licht, die ook massa’s nieuwsgierigen aantrok: de lichtopflakkeringen die werden veroorzaakt door atoomproeven in de staat Nevada.


De ontploffing in 1951 van een kernkop in de woestijn in Nevada markeerde het begin van bovengrondse proeven, die gepaard gingen met gigantische paddenstoelwolken, die van in de stad Las Vegas te zien waren. In een tijdspanne van veertig jaar testte het Amerikaanse Ministerie van Energie op de Nevada Test Site meer dan 1.000 kernwapens.


Uiteraard wisten de casinobazen munt uit het atoomspektakel te slaan. Er werden kalenders ontworpen met de ontploffingstijden, die ook vermeldden waar de ontploffingen optimaal konden worden waargenomen.



Casino’s en hotels organiseerden “atoomcocktails” en “Dawn Bomb Parties”. Vrouwen verkleed als paddenstoelwolken streden voor de titel van “Miss Atomic Energy”. 


"Je kon het vergelijken met kerstverlichting op een roestvrije, stalen bunker," aldus een gokmagnaat. De tijdsgeest werd gekenmerkt door de horror van Hiroshima, de paranoia van de Koude Oorlog  en een diepgewortelde onzekerheid en angst over wat morgen brengen zou.


Maar Las Vegas combineerde de angst voor een nieuwe atoomoorlog met het spektakel van de voorbereiding ervan. Mensen raakten gefascineerd door de paddestoelwolken en de geheimen van het atoom, maar er was uiteraard ook de angst. 


Na de Cubacrisis en het ondertekenen van de Limited Test Ban Treaty werden de bovengrondse testen in 1963 stopgezet. Samen met het atoomschouwspel verdween uit het Amerikaanse gokparadijs nu ook de angst.