Locatie van het kantoortoilet is cruciaal voor productiviteit

Het is aangewezen om de inrichting van de werkvloer te focussen op maximale interactie-mogelijkheden tussen collega’s. Interactie verhoogt immers de productiviteit. Ontwerpers van de Britse divisie van het bureau NBBJ Architects hebben daarbij vastgesteld dat een algoritme kan worden ontwikkeld om het vloerplan met het oog op optimale interactie-mogelijkheden in te delen.


Op die manier kan er volgens de architect David Lewis voor gezorgd worden dat onder meer het toilet, de printer of de keuken worden ingeplant op locaties die de grootste kans op interacties tussen collega’s zullen bieden. De invulling van de ruimte kan immers interactie stimuleren of ontmoedigen.


Silo-cultuur tegengaan


Algemeen wordt aangenomen dat productiviteit gelinkt kan worden aan interacties. Bedrijven uit Silicon Valley doen grote inspanningen om een zogenaamde silo-cultuur, waarbij werknemers in geïsoleerde en gescheiden entiteiten terecht dreigen te komen, te vermijden.


Ondernemingen zoals Facebook en Twitter investeren dan ook in initiatieven om die afscheiding te doorbreken, zoals de organisatie van kantoor-barbecues of de implementering van zogenaamde breakout-locaties. Architect David Lewis hanteert echter een meer praktische visie en stelt dat de kantoorinrichting kan worden aangepast om een optimale interactie tussen de werknemers te garanderen.


“Wanneer avatars geprogrammeerd worden als werknemers, kan het optimale gebruik van de werkvloer worden uitgetest,” merkt David Lewis op. “Onder meer is het mogelijk om te berekenen hoeveel mensen elkaar zullen ontmoeten.” De software van NBBJ Architects bekijkt op welke manier de layout van een kantoor het aantal interacties tussen collega’s kan beïnvloeden.


Het programma is al gebruikt voor het grondplan van het nieuwe Amerikaanse hoofdkantoor van het technologieconcern Samsung. De architecten voeren ook aan dat het algoritme kan worden aangepast aan de samenstelling van het personeelsbestand. Niet alle beroepen of omgevingen hebben immers evenveel stimulering tot interactie nodig. (mah)