Cover image

Zelfrijdende auto leidt niet noodzakelijk tot minder benzineverbruik

Er wordt door een brede waaier partijen - van traditionele autobouwers tot technologie-startups - geïnvesteerd in de ontwikkeling van zelfrijdende wagens. Terwijl ongetwijfeld een positieve impact op de verkeersveiligheid en mobiliteit mag worden verwacht, zijn er op milieugebied veel meer twijfels.


Dat zegt Justin Worland, redacteur bij het magazine Time. Hij verwijst daarbij onder meer naar een rapport van het Amerikaanse ministerie van energie. In die studie worden verschillende scenario’s naar voor gebracht.

In optimale omstandigheden zou de ecologische voetafdruk  van de auto door zelfrijdende technologieën met 90 procent kunnen worden verminderd. Anderzijds wordt ook rekening gehouden met een mogelijke verhoging van 200 procent.

“Dat betekent een significant verschil,” benadrukt Justin Worland. “De transportsector is in de Verenigde Staten immers verantwoordelijk voor meer dan een kwart van de broeikasgas-emissies. Wetenschappers en beleidsvoerders benadrukken dat een reductie van die emissies noodzakelijk zal zijn om de opwarming van de aarde af te remmen.”

Variabelen


Ook Jeff Gonder, transport-specialist bij het Amerikaanse National Renewable Energy Laboratory betoogt dat de zelfrijdende auto een grote ecologische impact zal hebben, maar weet men op dit ogenblik nog zelfs niet welke richting die invloed zal uitgaan.

Nochtans wordt verwacht dat de zelfrijdende auto snel zijn intrede in het verkeer zal maken. Onder meer autobouwers zoals Tesla, BMW en Nissan willen al over vier jaar een volledig autonome auto op de markt hebben.

Bij de berekening van de impact op de ecologische voetafdruk moet echter met een brede waaier variabelen rekening worden gehouden.

“Er zullen een aantal barrières verdwijnen, waardoor de auto’s grotere afstanden zullen afleggen,” wordt er opgemerkt. “Onder meer vermoeidheid, leeftijd of intoxicatie zullen geen belemmering meer vormen om een auto op de weg te sturen. Autobestuurders zullen verder en frequenter kunnen reizen.”

“Sommige analisten merken zelfs op dat werknemers van de technologie gebruik kunnen maken om op een verdere afstand van de werkplek te gaan wonen,” zegt Worland nog. “Het zou immers perfect mogelijk zijn om tijdens de autorit slaap in te halen of al een aantal taken uit te voeren."

"Bovendien zou het mogelijk zijn dat werknemers hun auto de opdracht geven tijdens de werkdag te blijven rondrijden. Op die manier moet immers niet voor een parkeerplaats worden betaald.”

Tijd


Don MacKenzie, specialist geautomatiseerd vervoer aan de University of Washington, legt vooral een verband met de waarde die het concept tijd voor het individu heeft.

“Het is nog niet bekend op welke manier de technologie die waarde zal veranderen,” aldus MacKenzie. “Verplaatsingen hebben een kost, maar dat niveau zal veel lager liggen dan in de huidige omstandigheden.”

Justin Worland stelt dat weliswaar is gepoogd modellen te bouwen die de impact zouden kunnen berekenen, maar moet er met teveel variabelen worden gerekend.

Wel merkt hij op dat een aantal technologische verbeteringen de milieukost van het autovervoer zullen terugschroeven. Onder meer wijst hij op het feit dat autonome wagens dichter achter elkaar kunnen rijden, waardoor van een aerodynamisch effect kan worden geprofiteerd.

"Ook moeten minder veiligheidsvoorzieningen worden ingebouwd, waardoor een gewichtsbeperking kan worden gerealiseerd," betoogt hij. "Onder meer airbags of antiblokkeersystemen zullen niet langer noodzakelijk zijn. Die evoluties zullen de energie-efficiëntie van de auto’s verbeteren." (mah)