Vijf landen zijn verantwoordelijk voor 80% van de terrorisme-slachtoffers

Uit een onderzoek van het Australische Institute for Economics and Peace (IEP) is gebleken dat het aantal terrorismeslachtoffers wereldwijd fel is gestegen tegenover vorig jaar. Wie de cijfers uit de Global Terrorism Index goed bekijkt, kan echter nog een aantal opvallende vaststellingen doen. Zo blijken slechts vijf landen verantwoordelijk te zijn voor het overgrote deel van deze slachtoffers.

Volgens de Terrorism Index van de instelling maakten terroristische aanslagen vorig jaar 18.000 doden. Dat is een stijging van 60% tegenover twee jaar geleden en zelfs een vervijfvoudiging sinds de aanslagen op de Twin Towers in 2001.

Het Institute for Economics and Peace definieert terrorisme als “het dreigen met of gebruik maken van illegaal geweld door groepen die niet georganiseerd worden door een staat om een politiek, religieus of sociaal doel te bereiken". Aan die definitie voldoen naast de Taliban en Al-Qaeda ook Islamic State (IS) en Boko Haram. Samen zijn zij verantwoordelijk voor 66% van alle dodelijke slachtoffers.

Er zijn vijf landen waar 80% van alle terrorismeslachtoffers in de wereld vallen. Dat zijn Irak (6.362), Afghanistan (3.111), Pakistan (2.345), Nigeria (1.826) en Syrië (1.078). Niet toevallig vormen net die landen de thuisbasis van bovenstaande groepen. Omdat de meeste slachtoffers van terrorisme gelinkt zijn aan islamitische groeperingen denkt het IEP dat een echte oplossing alleen vanuit de moslimgemeenschap zelf kan komen.

De Australische vredesorganisatie spreekt de hoop uit dat soennitische moslimstaten in de toekomst naar een meer gematigde theologie zullen neigen. Tegelijk benadrukt Steve Killelea, oprichter van het IEP, echter ook dat de soennieten in Irak veel gegronde klachten hebben.