Niet Silicon Valley maar New York heeft de meeste start-ups

Het grootste gedeelte van het publiek zal technologie-startups vereenzelvigen met Silicon Valley in Californië, maar in werkelijkheid moet het speerpunt van de sector aan de andere kant van de Verenigde Staten worden gezocht. Dat schrijft Gillian Tett, columniste van de Britse zakenkrant Financial Times, verwijzend naar cijfers van de Kauffman Foundation.


Wanneer er naar het aantal startups per hoofd van de bevolking wordt gekeken, kan volgens Tett immers de grootste ondernemers-activiteit worden opgemerkt in New York, gevolgd door Boston en Providence. Pas op de vierde plaats staat San Francisco vermeld, onmiddellijk gevolgd door Miami en Portland.


“Het is ook een vergissing startups automatisch te koppelen aan jonge ondernemers,” zegt Gillian Tett. “De leeftijdsgroep tussen vijfenveertig en vierenvijftig jaar vertegenwoordigt 32 procent van de kleine ondernemingen, die de drijvende motor zijn van de economische activiteit en de jobcreatie."


Economische onzekerheid


"Daarentegen blijft het aandeel van de categorie tussen twintig en vierendertig jaar beperkt tot 16 procent, tegenover 28 procent twee decennia geleden. Bovendien zijn de meeste ondernemers ook geen drop-outs, maar wel universitair geschoolden. Ook blijken immigranten 20 procent van alle kleine ondernemingen te leiden. Dat is een verdubbeling tegenover twee decennia geleden.”


Er kunnen voor het fenomeen volgens Gillian Tett een aantal redenen naar voor worden geschoven. “In eerste instantie kan worden gewezen naar de economische onzekerheid, die sommige werknemers van middelbare leeftijd uit noodzaak heeft aangezet om een eigen bedrijf op te starten,” aldus de columniste.


“Daarnaast moest ook rekening gehouden worden met de zware lasten van de studentenleningen, waardoor vele jongeren financieel niet in staat zijn om een eigen onderneming op te richten.” (mah)