Cover image

© EPA

Economie

7 redenen waarom 'Big Tech' niet meer te reguleren valt: ze zijn net als de banken 'too big to fail' geworden

Het laatste Facebookschandaal en de plannen van de EU om Google, Amazon, Facebook en Apple - de zogenaamde GAFA’s - op hun omzet te gaan belasten, hebben één zaak gemeen: het feit dat niemand nog controle lijkt te hebben op de handel en wandel van deze Amerikaanse digitale reuzen. 

Maar is het nog realistisch om te denken dat deze bedrijven gecontroleerd en/of gereguleerd kunnen worden? Wie de zaak analyseert kan maar tot één conclusie komen: zeer, zeer moeilijk.

1. De omvang van deze bedrijven is zo groot geworden dat ze - net als de banken - 'too big to fail' zijn geworden

De GAFA’s hebben samen een beurswaarde van 3.000 miljard dollar. Ter vergelijking, mochten ze een land vormen dan zouden ze het bbp van Duitsland benaderen. Dat ze een enorme impact hebben op de wereldeconomie bleek maandag toen het aandeel Facebook na het uitbreken van het schandaal rond Cambridge Analytica ruim 7% verloor en het de ganse Dow Jones mee naar beneden trok. De Amerikaanse beursindex leed een dagverlies can 90 miljard dollar. Voor elke dollar aan waarde die Facebook verloor, gingen er drie dollar verloren op de Dow Jones. Interessant detail hier: Facebook noteert niet eens op de Dow Jones, maar op de Nasdaq.

2. Deze bedrijven hebben nu overal een voet tussen de deur 

Of het nu om financiën, marketing, zelfrijdende wagens, ruimtevaarttechnologie of artificiële intelligentie gaat - de economie van de toekomst die volledig afhankelijk is van data -, overal zijn deze bedrijven absolute koplopers.

© Getty Images

3. ‘Big Data is de olie van de toekomst’

Dat blokletterde The Economist in een speciaal dossier amper een jaar geleden. Uit onderzoek van Wavestone blijkt nu dat 95% van al onze data door de GAFA’s worden gemonopoliseerd.

4. Onbeperkte financiële middelen

Een CEO die voor een Europees filiaal van een van de Big Tech-bedrijven werkt, verwoordde het onlangs nog als volgt: “Al die rechtszaken [met de EU], doen me bijna pijn aan het hart: wij arriveren daar met een leger advocaten van de meest gerenommeerde advocatenkantoren ter wereld, die goud verdienen door voltijds voor ons te werken... Aan de andere kant van de tafel zitten dan 3 pas afgestudeerden die 40 dossiers tegelijk moeten beheren en totaal overwerkt zijn. Voor ons zijn ze geen partij.”

5. Het ‘First mover advantage’

Al deze Amerikaanse bedrijven beschikken ook over het ‘First mover advantage’, waarmee het voordeel wordt omschreven dat de eerste marktleider na verloop van tijd in een nieuwe sector behoudt. Ooit van Quaero gehoord? Neen waarschijnlijk en daar is ook niets mis mee. Quaero was een door Duitsland en Frankrijk gesponsord project voor een Europese zoekmachine die Google het vuur aan de schenen zou leggen. Beide landen hadden samen 400 miljoen euro in het initiatief geïnvesteerd. Ter vergelijking: Google maakt even veel winst op exact 15 dagen en het jaarlijkse O&O-budget van de internetzoekmachine bedraagt... 4 miljard dollar. Misschien moeten we daar de reden zoeken waarom weinigen al van Quaero hebben gehoord.

6. De GAFA’s behoren ondertussen ook in Washington tot de grootste lobbyisten

Zo is Google, op AT&T en Boeing na, het enige bedrijf in de top 10 van organisaties die meest aan lobbying besteden in de Amerikaanse hoofdstad. Ook Amazon, Microsoft en Facebook staan in de top 40. Die lobby's werpen wel degelijk hun vruchten af. Zo mag gesteld worden dat alle Democraten in de zak van de GAFA’s zaten... tot Trump de verkiezingen won.

© Getty Images

7. Ze zijn in de VS te belangrijk voor de economische groei 

Tenslotte lijkt de Amerikaanse overheid niet echt happig om in ‘een vrije markt’ tussen te komen en de GAFA’s - voeg daar ook Microsoft maar toe -  te gaan reguleren. Hoewel verschillende politici daar nu voor pleiten, is de impact van de GAFA’s op de economische groei van de VS gewoon te belangrijk. Hoe kan er trouwens sprake zijn monopolies die de consument schaden, wanneer de consument gratis gebruik kan maken van diensten als Facebook en Google en Amazons prijzen voor de consumenten meestal de laagste zijn?

Conclusie

De laatste keer dat de Amerikaanse overheid tussenkwam in een zaak dateert van begin jaren 1990. Toen werd Microsoft ervan beschuldigd zijn Windows-besturingssysteem op te dringen aan zijn gebruikers. Dat resulteerde toen in een minnelijke schikking tussen Microsoft en het Amerikaanse ministerie van Justitie. En in de geboorte van Google...

Wie de zaak analyseert kan dus maar tot één conclusie komen: Big Tech reguleren? Zeer, zeer moeilijk.

© EPA